zaterdag 22 december 2012

Kerstjacht


Heel lang geleden toen de mens nog in een berenvel achter beesten aan joeg en planten verzamelde, was de kans op een goed gevulde maag na een lange dag van voedsel verzamelen onzeker. Geleidelijk aan werd daarom overgestapt op landbouw en het domesticeren van dieren. De voedselvoorziening werd hierdoor iets zekerder maar de tijd die nodig was om dit voedsel te laten groeien en opfokken was nog steeds erg arbeidsintensief. Tot eind jaren vijftig van de vorige eeuw was nog zeker 50 procent van de beroepsbevolking werkzaam in de landbouw. De productieverbeteringen en de opkomst van landbouwmachines hebben ervoor gezorgd dat tegenwoordig in het westen nog slechts twee procent van de beroepsbevolking de rest voorziet van voedsel.

Eigenlijk zou dit fantastisch moeten zijn voor die rest. Heerlijk heel de dag nietsen terwijl een paar mensen zorgen voor het eten. Maar ja, zoals iedereen weet is dit niet het geval. Mensen houden blijkbaar niet van nietsen, tenzij ze het erg druk hebben, en daarom hebben ze handel en dienstverlening bedacht om elkaar bezig te houden. Dit alles weer om met het geld dat ze verdienen voedsel te kunnen kopen en in hun vrije tijd vakantie te kunnen vieren of...te jagen. De stadsmens op mooie spulletjes in de winkelcentra en de plattelandsmens, bij gebrek aan winkelcentra, op echt ‘wild’. (Wild heb ik tussen aanhalingstekens geplaatst omdat het echte wild zoals beren en wolven in Europa nog slechts streng bewaakt mogen rondlopen in de natuur).

En zo belanden we op een druilerige maar mooie zaterdagochtend in december op het platteland, ergens in het midden van Frankrijk. Een boerin heeft zojuist het eerste deel van de ochtendwerkzaamheden afgerond en staart nog even voor zich uit over het betoverende landschap. Ze hoort een laatste uil roepen, wat roodstaartjes scharrelen in de bosjes en ze ziet drie reeën grazen van het laatste beetje gras langs de bosrand. Deze week heeft ze de reeën elke ochtend waargenomen. Ze denkt weemoedig aan de dag die komen gaat en dat het waarschijnlijk de laatste keer zal zijn dat ze deze mooie beesten ziet. Vandaag is het de zaterdag voor de kerst wat betekent dat de jachtvereniging vandaag zeker actief zal zijn.

In Frankrijk is de jacht een groot sociaal gebeuren. Na de voetbalbond heeft de jachtbond het meest aantal leden (meer dan 1,3 miljoen) en vijf jaar geleden deed er zelfs een partij voor de jacht mee aan de presidentverkiezingen van Frankrijk. Verder wordt er jaarlijks per lid gemiddeld voor 1600 euro aan jachtspullen besteed. Acht jaar geleden ging dit voornamelijk op aan munitie, geweren en afgeschreven bestelautootjes, tegenwoordig wordt dit besteed aan halfautomatische geweren en afgeschreven terreinwagens. Ik vrees dat dit over acht jaar mitrailleurs en legervoertuigen zullen zijn.

Ondanks dat ik niks heb met jagen hebben wij de plaatselijke jachtclub toestemming gegeven om op ons land te mogen jagen. Wilde zwijnen kunnen in één nacht behoorlijk wat schade aanrichten aan de gewassen waardoor het de moeite waard is bevriend te zijn met de jagers. Maar van mij mogen ze de reeën laten lopen en blijft voor mij de Franse jacht een bijzonder verschijnsel.

Het begint al met hun kleding. Ze zien er altijd heel stoer uit in hun camo bruin, groen en grijze kleding. Zelfs het ondergoed is camo. Dat weet ik omdat wij als plattelandbewoners altijd foldertjes toegestuurd krijgen met jachtdingetjes. Maar ja, veiligheid gaat boven alles zodat over de onopvallende camokleding vervolgens fluorescerende hesjes heen worden getrokken. Alles om te voorkomen dat je door een medejager wordt geraakt.

Want, ja, jagen doe je immers niet alleen. In de prehistorie niet en tegenwoordig ook niet. Ik weet sinds een week waar zich elke ochtend drie reeën bevinden. En de jagers weten dat ook omdat ik ze in hun terreinwagen de beesten heb zien spotten. Na wat schietoefening moeten deze beesten eenvoudig af te schieten zijn, lijkt mij. Je verstopt je op het betreffende tijdstip met je kleding en geweer in een bosje en schiet ze met één schot af.

Maar niets van dit alles. Fransen zijn sportief aangelegd en geven hun prooi een eerlijke kans. Op zaterdagochtend wordt iedereen met honden en geweren bij elkaar gebeld en wordt vanaf tien uur de rust op het platteland verstoord met de geluiden van een drijfjacht. Auto’s die van de ene bosrand naar de andere scheuren, honden die blaffend het bos in worden gejaagd, gejank, geschreeuw, gekrijs, gehuil, geknetter van de halfautomatische geweren en aan het eind van de middag eindelijk de verlossende toeter. De jacht is ten einde. Honden zoeken verdwaasd hun baasjes waarna deze met hun buit huiswaarts gaan.
  
De volgende ochtend heeft de boerin wederom het eerste deel van de ochtendwerkzaamheden afgerond en staart nog even voor zich uit over het betoverende landschap. Tot haar verrassing ziet ze reeën weer verschijnen aan de bosrand. Ze is blij. De jagers hebben gisteren een leuke dag gehad, de reeën leven nog maar bedenkt dat jacht eigenlijk verboden zou moeten worden omdat het toch wel wreed is wat de jagers doen en niet nodig gezien het voedseloverschot in Europa.

In de verte ziet ze aan de oever van het meertje een reiger een visje wegpikken, een valk bidt hoog in de lucht om zich vervolgens in een razend tempo op een prooi te storten en ze hoort het kermende gepiep van een muisje waar één van de poezen mee aan het spelen is. 

Mooi jachtgebied

donderdag 15 november 2012

De kracht van de verbeelding


Zoals trouwe lezers van dit blog wel eens vernomen hebben, is onze buurman sinds de zomer van 2009 geïnteresseerd in een deel van het land dat wij in bezit hebben om daar een golfbaan aan te leggen. Na enkele onderhandelingspauzes leken wij een half jaar geleden wederom tot een definitief mondeling akkoord te zijn gekomen. Nog even de door ons zelf opgestelde afspraken laten vertalen in een onleesbaar notariscontract en de zaak was geregeld.

Althans dat dachten wij. Want eerst duurde het maanden voordat de notaris ons halve A4-tje met afspraken had omgezet in een 15 pagina’s tellend koopcontract en vervolgens veranderde de buurman regelmatig van gedachten onder welke voorwaarden hij het land wilde kopen. Niet alleen de notaris werd hier ongedurig van maar wij ook.

De afgelopen maanden begonnen we langzamerhand te wennen dat ons toekomstige leven zou kunnen gaan veranderen. Een deel van het geld dat we voor het land gaan krijgen, willen we namelijk besteden aan één van onze grote dromen. Ik geef toe, tien jaar geleden zou ik hier niet van hebben gedroomd maar tegenwoordig droom ik van een melkrobot.

Zo’n robot zal ons leven ingrijpend veranderen door het melken lichter te maken en meer vrijheid te geven. De robot zal de zwiepende koeienstaarten opvangen, heeft geen last van vaarzen die zich niet willen laten melken en heeft ook geen moeite met poepspetters die op je kleren of nog erger in je haren spatten. Maar het belangrijkste is dat zo’n robot op elk moment van de dag de koeien kan melken. Ook wanneer je ’s avonds in het zwembad dobbert, of wilt deelnemen aan verenigingsactiviteiten, Rocco wilt helpen met zijn huiswerk of wilt uitslapen wanneer het nieuwjaarsdag is.

Het gekke is dat dit toekomstbeeld een soort vleugels geeft waardoor ik met meer plezier dan voorheen ’s ochtends vroeg opsta om de koeien te melken en te verzorgen en’s avonds met een gerust hart weer naar bed ga om te dromen van de melkrobot. Het werk is niet veranderd maar toch is het nog leuker geworden. Alleen maar door de toekomst anders in te zien.

Helaas weet ik dat dit beeld ook zo kan veranderen. Eén telefoontje van de persoonlijke assistente van de buurman of hij ons, wanneer hij over een aantal dagen weer in het land is, kan spreken, kan ons in hevige vertwijfeling brengen. Wat zou hij nu weer willen? Gaat zijn project nog wel door en wil hij ons land nog steeds kopen? We bezoeken vaker dan we willen zijn website om te checken of de golfbaan nog steeds wordt genoemd. Alsof dit virtuele kan geruststellen.

We proberen het hoofd koel te houden door te realiseren dat we geen invloed hebben op de beslissingen van onze buurman en zo focussen we ons op het heden en zaken die we wel kunnen controleren. Ook realiseren we ons dat we in het verleden een heel anders toekomstbeeld hadden en toen ook in staat waren om elke ochtend vroeg op te staan.

Volgende week lijkt er een einde te komen aan alle onzekerheid. We hebben met beide partijen een afspraak bij de notaris om het voorlopig koopcontract te ondertekenen. Tot die tijd nemen we de telefoon niet meer op en houden we er rekening mee dat ons mooie toekomstbeeld in scherven kan vallen. Maar van die brokstukken maken we vast weer iets moois. Een weblog over ons bedrijf bijvoorbeeld…

De toekomst: onze nieuwe jongveestal en Rocco...

vrijdag 12 oktober 2012

Vrije koeien

Af en toe mis ik mijn judomaatjes. Niet omdat ze mij twee keer per week alle hoeken van de judomat lieten zien maar vooral vanwege de gesprekken die ik met ze kon hebben. Zelfs de gesprekken over koetjes en kalfjes gingen ergens over.


Zo vroeg tijdens een van de trainingsavonden één van de judoka’s zich af waarom ik als bouwkundige had gekozen voor het leven en werken op een melkveehouderij. Het bleek namelijk dat hij juist het omgekeerde had gedaan: Als boerenzoon had hij er bewust voor gekozen de boerderij van zijn ouders niet over te nemen en als projectleider te gaan werken in de wegenbouw. Hij was blij dat hij geen slaaf van koeien was geworden zoals zijn ouders dat wel waren.

Zo die zat. Hier kon geen hoek van een judomat tegenop. Zeker nadat ik net een gebroken nacht achter de rug had vanwege een afkalving. De natuur houdt geen rekening met menselijke werkuren van negen tot vijf en of je wel of niet wilt af en toe moet er worden geholpen bij een afkalving. Ook om drie uur ’s nachts.

Boeren zijn inderdaad in zekere zin onderworpen aan veeleisende koeien: elke dag een uitgebalanceerde maaltijd opdienen, twee keer per dag melken, dag en nacht klaar staan ten tijde van ziekte en afkalvingen, zorgen voor een schone stal, zaaien en oogsten alleen wanneer het weer dat toelaat, betalen van gepeperde facturen. Altijd moeten boeren klaar staan voor hun koeien: ook in het weekend, de avond- en nachturen en tijdens vakanties. Zonder dat daar een onregelmatigheidstoeslag tegenover staat.

Ik antwoordde dat in vergelijking met mijn stadse bestaan de koeien mij zeker een beperking hadden opgelegd. Voornamelijk in tijd en ruimte. Door het strakke dagelijkse ritme is mijn bewegingsvrijheid bijvoorbeeld beperkt tot een straal van 100 km. Wanneer ik ’s ochtends na het melken gelijk al het dagelijks werk doe, zou ik daarna in een uurtje naar de grote stad (Limoges) kunnen rijden, daar twee uur door de stad kunnen flaneren en dan weer in een uur terug rijden om net op tijd weer terug te zijn voor het avondmelken. Dat is behoorlijk beperkt.

Maar daar staat tegenover dat ik er een enorme ander soort vrijheid voor heb teruggekregen. Voorheen, als bouwkundige, dacht ik tijdens mijn werk voornamelijk aan…mijn werk: of de berekening die ik had gemaakt wel klopte, of de opbouw van het rapport dat ik schreef wel goed was, of de boodschap die ik wilde overbrengen duidelijk was, of ik voldeed aan de eisen van mijn opdrachtgever. Dat soort zaken. Het denken was beperkt gedurende de werktijden. Tegenwoordig kan ik echter tijdens mijn ‘fysieke’ werkzaamheden mijn gedachten de vrije loop laten gaan en denken wat ik wil: waar gaat het volgende blog over, wat is de zin van het leven, waarom is er nog steeds zoveel ongelijkheid in de wereld, welke boodschappen moet ik doen, waarom is de ene koe zwart gevlekt en de ander witgevlekt? Een vrijheid waaraan ik in het begin van mijn boerenbestaan erg aan moest wennen maar nu erg kan waarderen.

Inmiddels mengde zich ook een andere judoka in de discussie. Hij was aannemer en ook een boerenzoon die ervoor had gekozen niet het veebedrijf van zijn ouders over te nemen. Hij zei: Vrijheid heeft niets te maken met fysieke beperkingen en verplichtingen. Voor mij heeft vrijheid te maken met de keuzes die je kunt maken. Wij kunnen hoogstens slaaf zijn van de keuzes die we hebben gemaakt.

Ook die was raak. Inmiddels was de training helaas weer voorbij en onderweg naar huis dacht ik aan onze koeien. Koeien kiezen niet wie voor hen zorgt, zijn overgelaten aan de grillen van de boer en moeten de keuzes die de boer maakt maar gewillig volgen. In dat opzicht zijn koeien weer de slaven. Of toch niet?

Onlangs dreven we op een late namiddag onze vaarzen (koeien die voor het eerst drachtig zijn en nog nooit melk hebben gegeven) naar een nieuwe verse weide met mooi groen gras. Het klaar maken van de weide was een enorme klus geweest: de afrastering moest vrij worden gemaakt van een jaar onkruidbegroeiing en gaten moesten worden gedicht. We waren dan ook blij dat na de overtocht de vaarzen meteen begonnen te grazen en niet als een gek de afrastering gingen testen.

De volgende ochtend, tijdens het ontbijt, werden we echter gebeld door de chauffeur van de schoolbus. Er liepen twee van onze vaarzen over de weg!?! We snelden er direct heen want we wisten dat het gras bij de buurman altijd veel groener is. Aangekomen op de plek des onheils zagen we dat de twee vaarzen rustig aan de andere kant van de draad in de berm stonden te grazen. Het was duidelijk dat ze per ongeluk aan de andere kant van de draad waren beland en niet op zoek waren naar groener gras.

Bij nadere inspectie bleek dat we de vorige dag waren vergeten de ingang van de wei af te sluiten. De twee vaarzen in de berm lieten zich gedwee de weide weer in drijven en waren blij zich weer bij de kudde te kunnen aansluiten. Opgelucht gingen ze liggen herkauwen naast de rest van het koppel dat tevreden voor zich uitstaarde over een met een ochtendnevel bedekte weide.

Het was duidelijk wij niet alleen vrije koeien maar ook nog eens wijze koeien hadden. Ze hadden de mogelijkheid om de weide uit te vluchten op zoek naar groener gras maar ze kozen er echter voor tevreden te zijn met wat ze hadden. Daar konden wij als mens nog heel wat van leren.

Toen uiteindelijk de warme herfstzon de nevel over het landschap had verdampt, keerden we terug naar huis. Nadat we voor de zekerheid de weide achter ons hadden afgesloten.


Richting bepalen is niet altijd eenvoudig